Boodschap
aan Paul Magnette : Besparingen
zullen economie niet afremmen, integendeel !
Minister
van overheidsbedrijven Paul Magnette (PS) haalde de voorbije
dagen zwaar uit naar de Europese Commissie, wegens de besparingen die
zij aan onze overheid oplegt. “Als de overheid te weinig uitgeeft, dan
komt er een recessie”, zo reageerde hij verbolgen in enkele media. Ook
Kathleen Van Brempt (Sp.a) kwam die stelling verdedigen op de Vlaamse
TV-zender CANVAS.
Hebben beide politici het voorbije jaar ergens op Mars verbleven,
onwetend over wat er zich in 2011 in Europa heeft voorgedaan? Men zou
het beginnen denken. Massale overheidsuitgaven en
overheidsverspillingen hebben heel wat landen de das omgedaan en op de
rand van het faillissement geduwd (Griekenland, Spanje, Portugal,
Italië….). Niet door besparingen, maar door onbeperkt
belastinggeld (en
vooral geleend geld) over de balk te gooien. Weten Magnette en Van
Brempt dit niet? Dan zitten zij als politicus (politica) volgens ons
niet op hun plaats.
Waarom
overheidsuitgaven de economie niet kunnen stimuleren.
Overheidsuitgaven kunnen alleen maar gebeuren met geld aan de
privé-economische kringloop te onttrekken, hetzij door
belastingen, hetzij door het uitschrijven van staatsleningen.
Voorbeeld : Als de overheid 100 miljard uitgeeft, wordt dit geld
weggehaald uit de privé-economie en daarna door de overheid
terug uitgegeven. Wij krijgen dan volgend schema :
In min : 100 miljard gaat uit de
privé-economie naar de overheid (via belastingen of leningen)
In plus : 100 miljard komt terug in
de economie
via de overheid
Dit is een nul-operatie en kan dus geen stimulering betekenen.
Integendeel, het is zelfs geen nul-operatie (geen “zero- sum game”),
maar een “negative -sum game”. Het is ondertussen inderdaad
aangetoond, dat de overheid de gelden die zij uitgeeft voor circa de
helft verspilt. Dit blijkt uit meerdere studies, waaronder de zeer
bekende studie van de Europese Centrale Bank (ECB) uit 2003 : “Public
Sector Efficiency, an International Comparison”, Working paper 242). In
de privé-sector zullen de ondernemingen zich verspillingen niet
kunnen veroorloven. De ondernemers werken met hun spaargeld, dat zij in
het bedrijf hebben geïnvesteerd. Zij zijn verplicht enkel te
investeren in projecten die zinvol zijn en een economische
méérwaarde opleveren. Dit wil zeggen in projecten die
welvaart creëren en bijgevolg ook werkgelegenheid, maar dan wel
zinvolle werkgelegenheid. Indien zij zich vergissen, zijn ze hun
spaargeld kwijt. Daarom is het noodzakelijk, dat er zoveel mogelijk
kapitaal in de privé-sector blijft, en enkel het strikt
essentiële wordt overgemaakt aan de overheid.
Voorbeelden van overheidsverspillingen hebben wij al herhaaldelijk in
onze nieuwsbrieven aangehaald : zoals o.m. (om er maar enkele te noemen)
de overtollige
overheidsbureaucratie, vooral in
Wallonië, waar een abnormaal hoog aantal werknemers ondergebracht
is bij de overheid.
De schande van het wanbeleid bij de
NMBS
De schande van het wanbeleid bij de
overheidsbank
Dexia en de overheidsverzekeringsmaatschappij Ethias. En destijds het
wanbeleid bij Sabena.
Idem bij de gemeentelijke
overheidsholding.
De vele verspillingen, wegens onze
veel te
ingewikkelde staatsstructuur.
De overheid heeft geen expertise om zich met de economie te moeien.
Ambtenaren en politici zijn geen ondernemers. Dat bewijzen de NMBS,
Dexia, Ethias, het vroegere Sabena en zovele andere mislukte
overheidsinitiatieven. Daarom ook is het subsidiebeleid van de overheid
een zuivere verspilling. De Vlaamse overheid wil nu gaan investeren in
innovatie. Dit is weggegooid belastinggeld. Ambtenaren zijn niet de
geschikte personen om te onderzoeken in welke innovatieprojecten moet
geïnvesteerd worden en politici nog minder. Politici zullen zich
vooral laten leiden door politieke motieven en vriendjespolitiek. Maar
dit schept geen economische meerwaarde, maar verstoort de normale
marktwerking.
Als een ondernemer beschikt over een uitstekend innovatieproject, dan
zal hij daar gemakkelijk geld kunnen voor vinden onder vorm van private
equity of op de beurs. Voor echt degelijke projecten is er geen
probleem om privé-kapitaal te vinden.
Waarom
overheids besparingen de economie wel zullen stimuleren?
Als de overheid voldoende bespaart, dan kan de belastingdruk
(eindelijk) omlaag en zal ze ook minder op de kapitaalmarkt moeten
ontlenen. Het zijn die twee elementen die de economie tot grote
ontplooiing kunnen brengen :
Lagere belastingdruk betekent
een
driedubbele hefboom tot welvaartscreatie. Ten eerste : veel
laaggeschoolden hebben nu geen toegang tot de arbeidsmarkt omdat de
onderneming driemaal het netto loon moet betalen :
éénmaal het netto loon aan de werknemer en tweemaal het
netto loon aan de overheid als fiscale en sociale afhoudingen. De
werknemer moet dan ook de tegenwaarde presteren van driemaal het
netto loon. De meeste laaggeschoolden kunnen die limiet niet halen. Ten
tweede : lagere belastingdruk is voor de onderneming een lagere
loonkost, waardoor het concurrentienadeel tegenover het buitenland
hersteld wordt. Ten derde : met een lagere belastingdruk wordt het
terug rendabel voor de bedrijven om te investeren. Dit schept zinvolle
werkgelegenheid en meer welvaart. De economie zal herleven.
Als de overheid minder
uitgeeft, moet ze ook
minder ontlenen op de kapitaalmarkt, zodat deze meer beschikbaar komt
voor het bedrijfsleven. Als de overheid daarentegen teveel leent,
bekomt men het bekende “crowding out effect”, waarbij zij de
kapitaalmarkt verkrapt en de particuliere investeringen gaat verdringen.
Maar er is nog een derde element.
Thans
zitten er bij het overtollig overheidspersoneel heel veel zeer
bekwame mensen. Zo is het bekend, dat bij de NMBS er heel wat knappe
ingenieurs zijn tewerkgesteld, om een verlieslatend en verspilzuchtig
bedrijf te helpen runnen. Maar deze bekwame mensen zijn dus niet
beschikbaar voor de privé-sector waar ze dringend nodig zijn,
ditmaal niet om verliezen te creëren, maar om welvaart mogelijk te
maken. Het tekort aan ingenieurs is op dit ogenblik erg nijpend in onze
privé-sector.
De
vakbonden
Om deze drie redenen is het absoluut noodzakelijk dat de overheid
grondig en doortastend bespaart, zodat de economie terug kan
openbloeien en er snel een einde kan gemaakt worden aan de
huidige zware crisis. Zij zal daartoe echter de medewerking moeten
krijgen van de vakbonden. Die liggen op dit ogenblik nog altijd dwars.
De bonden zou moeten inzien, dat de besparingen die nu op tafel liggen
nog verre van voldoende zijn. Er zal op vele vlakken nog veel
dieper structureel moeten ingegrepen worden. Ook een gans nieuwe en
sterk vereenvoudigde en slankere staatsstructuur zal men uiteindelijk
niet uit de weg kunnen gaan. De vakbonden zouden hieraan beter positief
meewerken. Het is in ieders belang, zeker in het belang van de werkende
klasse.
OESO -
Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
De OESO (waar Leterme nu tewerkgesteld is) publiceerde
interessante cijfers, waaruit blijkt dat de landen die sedert 1995 het
meest bespaard hebben, precies die landen zijn die thans
het minst onder de crisis lijden. De Oeso berekende de aangroei of de
krimp van de overheidsuitgaven sedert 1995 voor 14 Europese landen,
waarbij het jaar 1995 werd gelijkgesteld aan 100. Hierna volgen deze
gegevens omgezet in een grafiek : (overheidsuitgaven als % van het bbp
ten opzichte van 1995) :
De landen bovenaan (Zweden, Finland, Duitsland en Nederland) hebben hun
overheidsuitgaven het sterkst verminderd sedert 1995. Het zijn nu
precies die landen die het minst te lijden hebben onder de crisis.
Daarentegen, de landen onderaan de grafiek (Griekenland, Portugal en
Ierland), die hun overheidsuitgaven nog hebben verhoogd sedert 1995
zitten nu in zware moeilijkheden. Italië, Spanje, Luxemburg,
België en Frankrijk hebben een klein beetje bespaard. Maar
blijkbaar lang niet genoeg. Met uitzondering van Luxemburg zitten
deze landen nu ook met problemen. Hoe komt het zeer welvarende
Luxemburg terecht in dit lijstje met
weinig besparingen sedert 1995 en toch geen crisissituatie
kent? De verklaring vinden wij eveneens bij de OESO.
Uit de
gegevens blijkt dat Luxemburg in 1995 een zeer laag cijfer had
als overheidsbeslag, nl. overheidsuitgaven van slechts 39.7% van het
bbp. (Vergelijk met België in 1995 : 52.1%). Zelfs op dit zeer
lage cijfer is Luxemburg er toch in geslaagd om nog verder te besparen.
Geen wonder dat zij nu niet in crisis zitten. Dat ons land daar eens
een voorbeeld aan neemt. (1)
Natuurlijk zijn er naast besparingen nog andere maatregelen nodig. Zo
pleit Lorin Parys in DE STANDAARD (13 januari :“Wie is Olli Rehn?” blz.
39) terecht voor meer flexibiliteit, voor een minder starre
arbeidswetgeving en voor het aanvaarden van creatieve destructie. Dit
laatste is zeker een boodschap aan de vakbonden, die moeten begrijpen,
dat bedrijven die op de terugweg zijn, niet anders kunnen dan afslanken
en herstructureren.
Ons
besluit :
Besparingen zullen geen recessie creëren. Integendeel zij zijn de
noodzakelijke voorwaarde voor de ontplooiing van de economie, voor het
beëindigen van de crisis en voor de toekomst van ons allen en dan
vooral voor de toekomst van onze jeugd. De boodschap moet dan ook zijn
: besparen, besparen en nog eens besparen, tot op het bot.
Alleen
de Staat en
de Maffia gebruiken dwang
en
zelfs dreiging
met geweld om zich voor hun "diensten" te laten betalen.
De overheid
verdedigt
haar dwang met het excuus
dat
burgers niet bereid zijn tot vrijwillige bijdrage
voor
de collectieve
voorzieningen:
voor
wegen, voor onderwijs en
politie...
Dat is
een drogreden: de
private sector slaagt er immers wél in de financiering van
collectieve
voorzieningen rond te krijgen zónder dwang of geweld. Neem het
voorbeeld van shopping centra.
Daar zijn de collectieve
voorzieningen privaat gerealiseerd
in vrijwillige samenwerking.
Straten,
parkings en beveiliging zijn privaat gefinancierd zonder dwang noch
overheid.
De
kwaliteit van de voorzieningen is er zelfs
veel
beter dan de publieke diensten van de stad:
Gratis
parking, keurige toiletten, airco op straten en pleintjes... Comfort
dus in
plaats van
stadsstoepen
met valkuilen, hondenpoep en parkeerboetes.
Ook de
drogreden van "Free
riding" (niet-kopers, wandelaars die meegenieten zonder
enige tegenprestatie)
vormt er geen enkel probleem.
Op
dezelfde basis van
vrijwilligheid kunnen
privéverzekeringen
even goed de sociale
zekerheid organiseren. Dwang is alleen
nodig als men aan
klanten
totaal ongewenste
diensten wil aansmeren
of iets wil verkopen tegen een veel te
hoge prijs.
Dwang is
dus (vrijwel altijd vermijdbare) initiatie van geweld. Belastingen
staan daarom op hetzelfde moreel niveau als
diefstal.
"Wie dwang
gebruikt is schuldig aan moedwillig geweld. Dwang is inhumaan." Mahatma Gandhi
In dit exclusief
vimeo-interview
van Luc Van
Braekel zoekt Martin De
Vliegere naar fundamentele oorzaken en
remedies voor de crisis. Hij doorbreekt
de Keynesiaanse consensus en verdedigt enkele non-conformistisiche
stellingen:
Trends
Trends
publiceert op haar
web-site de aktuele prijzen van bouwgrond in België. Daaruit
blijkt dat Vlaamse bouwgrond
ruim drie maal(!) zo duur is als de Waalse.
Dit is het rechtstreeks gevolg van het geregionaliseerd ruimtelijk
beleid en het kunstmatig georchestreerd bouwgrondtekort in Vlaanderen.
Die
doelbewuste bouwgrondschaarste betekent een schandalige hold-up
op de Vlaamse welvaart door de
Vlaamse politieke kaste. Onze veel te
dure bouwgrond
veroordeelt immers jonge gezinnen tot twee
voltijdse
loopbanen en 25 of 30 jaar schulddelging.
Vlaamse bouwgrondprijzen
kunnen in
één pennentrek tot het Waals niveau worden herleid. Het
volstaat dat ook Vlaanderen voldoende verkavelingsvergunningen
uitschrijft. Maar Vlaamse
politici blijven liever de Ruimtelijk regelgeving misbruiken om hun
bureaucratie en intercommunale vetpotten in stand te houden. Dat daarvoor
duizenden Vlaamse gezinnen in zware problemen komen zal
hen een zorg wezen.