More
Government means more Rules;
more
Rules means
less
Freedom;
less
Freedom means
less prosperity and poor quality
of life
.
.
Dirigisme
verlaagt
productiviteit en schaadt welvaart Martin
De Vlieghere & Paul Vreymans
Rijkelijk laat
waarschuwt de Hoge Raad van Financiën voor het ontsporend
begrotingsterkort. Hoog tijd dus voor België om zijn prioriteiten
te herschikken en zijn economie van ballast te ontdoen. Veel publieke
projecten zijn wellicht nog verdedigbaar in een hoogconjunctuur, maar
zijn niet langer haalbaar in een acute crisis. Bij hoogste prioriteit
moeten we alles stopzetten wat ons meer last bezorgt dan nut:
overregulering, overtollige bestuursniveaus, en ons nodeloos
ingewikkeld belastingstelsel.
1.
Vlijtige ambtenaten met laagproductieve taken
Volgens het International
Labour Organization (ILO) heeft België de hoogste
productiviteit ter wereld. In fel contrast daarmee kampt onze overheid
volgens de ECB met de derde laagste efficiëntie van Europa. Het
probleem ligt niet zozeer in de lage productiviteit van luie ambtenaren
zoals velen denken, maar wel in de geringe toegevoegde waarde van de
opdrachten die hen worden toevertrouwd. Ook aan de demotiverende
inefficiëntie van de organisatie.
Harder werkende ambtenaren of
inzet van computers en nieuwe technologie kunnen daaraan weinig
verhelpen. Zo scheppen online loketten en onbemande telefooncentrales
die na antwoord op de zesde meerkeuzevraag steevast melden dat alle
medewerkers in gesprek zijn meer ergernis dan nut. Met zulke
pseudosaneringen schuift de overheid alleen taken af op de burgers die
zodoende nog meer dan vroeger van hun productieve missie worden
afgehouden. Zo wentelen overheden hun inefficiëntie alleen maar
hun af op de privésector.
Andere Europese overheden slagen er wel in efficiënt te
functioneren met 1/3 tot de helft minder ambtenaren. Willen we hun
efficiëntie evenaren dan moeten we contraproductieve regels
schrappen en de overheid herstructureren volgens actuele beheers- en
communicatietechnieken.
2. Drie overtollige bestuursniveaus.
"Kunnen we ons nog zo'n dure overheid,
met zoveel bestuurslagen, permitteren?", vraagt Rudi Thomaes van het
VBO zich terecht af. Ondanks snelle vooruitgang in beheers- en
communicatie-technieken is ons aantal bestuurslagen in
één generatie is verdubbeld.
Napoleon had geen computers en
moest zich voor zijn communicatie behelpen met postduiven en bodes te
paard. Toch had hij genoeg aan een nationaal, provinciaal en
gemeentelijk bestuursniveau. In ons internettijdperk kregen we er
behalve Europa ook Vlaanderen en de intercommunales bovenop; elk met
hun vazallen en uitgebreide hofhouding. Waar Vlaanderen en Europa
uitblinken in fascistoïde reguleringsdrift, monopoliseren
intercommunales vooral onze nutsvoorzieningen en maken onze energie,
water, communicatie, huisvesting, bouwgrond en afval 2 tot 3 maal te
duur.
Intercommunale bestuurders worden niet verkozen en ontsnappen zowel aan
democratisch controle als aan electorale sanctie. Het mag niemand
verwonderen dat dit
schimmige bestuursniveau wordt misbruikt voor duistere
toewijzing van sociale woningen, voorrang in
zorgtehuizen, tergende onteigeningen, en veelal ook als beschutte
werkplaats voor onfortuinlijke partijvrienden. De schandelijke
corruptieschandalen met misbruik van publieke fondsen en kredietkaarten in
Luik, Charleroi en Hoei zijn slechts het topje
van de ijsberg.
Ook in Vlaanderen tiert de corruptie met intercommunale zitpenningen en
bestuurszitjes welig. Intercommunales zijn verworden tot een parasitair
bestuursniveau en zijn nog vóór de provincies aan de
beurt in de sanering van onze structuren.
3. Nut van regels toetsen aan globale kost
Belangrijker nog dan
structurele saneringen is het snoeiwerk in de contraproductieve regels.
Onze overregulering is nu ontaard in de kafkaiaanse toestand waarin
niemand nog al de rommelwetten en rommeldecreten kan kennen. De totale
rechtsonzekerheid die daaruit volgt schept niet alleen het knagend
onbehagen van permanente strafbaarheid maar leidt vooral bij
ondernemers tot immobilisme. Het is de doodsteek voor het dynamische
van een land.
Wetten moeten een vervaldatum krijgen. Of we moeten met regelmaat hun
maatschappelijk nut afwegen tegenover de inzet van middelen voor controle,
naleving, handhaving en administratieve overlast. Veel
regels kosten handenvol geld maar brengen bitter weinig brood op de
plank.
Talloze beperkingen van de
contractuele vrijheid zoals huur- en pachtwetten keren zich steevast
tegen de partij die de wet wilde beschermen. Het zijn eeuwige bronnen
van wrevel, van dure geschillen en vertrouwensbreuk tussen partijen.
Maaltijdcheques, dienstencheques, opleidingscheques, cultuurcheques,
ecocheques zijn als rantsoeneringsbonnen. Stuk voor stuk
bureaucratische gedrochten die de marktwerking verstoren en
betaalkosten zwaar verhogen.
Talloze vergunningstelsels
beperken de concurrentie en ondergraven onze koopkracht. Dure licenties
maken onze mobiele gesprekken 3 maal te duur en prijzige vergunningen
verhogen de kost van bouwgrond en medicamenten met een factor 3 tot 5.
Maar vooral ons belastingstelsel kan veel eenvoudiger. Zijn
wispelturige complexiteit en lange verjaringstermijnen voeden de
rechtsonzekerheid en remmen elk initiatief. De veel te complexe sociale
wetgeving maakt steun ontoegankelijk voor kansarmen die het echt nodig
hebben, verhoogt werkingskosten en zet deuren wijd open voor
profitariaat.
Alleen
de Staat en
de Maffia gebruiken dwang
en
zelfs dreiging
met geweld om zich voor hun "diensten" te laten betalen.
De overheid
verdedigt
haar dwang met het excuus
dat
burgers niet bereid zijn tot vrijwillige bijdrage
voor
de collectieve
voorzieningen:
voor
wegen, voor onderwijs en
politie...
Dat is
een drogreden: de
private sector slaagt er immers wél in de financiering van
collectieve
voorzieningen rond te krijgen zónder dwang of geweld. Neem het
voorbeeld van shopping centra.
Daar zijn de collectieve
voorzieningen privaat gerealiseerd
in vrijwillige samenwerking.
Straten,
parkings en beveiliging zijn privaat gefinancierd zonder dwang noch
overheid.
De
kwaliteit van de voorzieningen is er zelfs
veel
beter dan de publieke diensten van de stad:
Gratis
parking, keurige toiletten, airco op straten en pleintjes... Comfort
dus in
plaats van
stadsstoepen
met valkuilen, hondenpoep en parkeerboetes.
Ook de
drogreden van "Free
riding" (niet-kopers, wandelaars die meegenieten zonder
enige tegenprestatie)
vormt er geen enkel probleem.
Op
dezelfde basis van
vrijwilligheid kunnen
privéverzekeringen
even goed de sociale
zekerheid organiseren. Dwang is alleen
nodig als men aan
klanten
totaal ongewenste
diensten wil aansmeren
of iets wil verkopen tegen een veel te
hoge prijs.
Dwang is
dus (vrijwel altijd vermijdbare) initiatie van geweld. Belastingen
staan daarom op hetzelfde moreel niveau als
diefstal.
"Wie dwang
gebruikt is schuldig aan moedwillig geweld. Dwang is inhumaan." Mahatma Gandhi
In dit exclusief
vimeo-interview
van Luc Van
Braekel zoekt Martin De
Vliegere naar fundamentele oorzaken en
remedies voor de crisis. Hij doorbreekt
de Keynesiaanse consensus en verdedigt enkele non-conformistisiche
stellingen:
4. Decentraliseren
Landbouw, industrie,
onderwijs, zorg, lagere besturen, gezondheid-,
distributie- en dienstensector, worden allemaal geteisterd door en
detaillistische betutteling van bovenaf. Keer op keer verstoort
centraal dirigisme de spontane orde of het marktevenwicht. Altijd weer
leidt de bureaucratische papierwinkel tot verkwisting van tijd en
middelen, verlies aan productiviteit en uiteindelijk geringer
maatschappelijk nut voor ons allen.
De grootste schade van al die
bureaucratie ligt nog in de opportuniteitskost. Zo zou het leger van
400 ingenieurs dat straks voltijds energieprestatiecertificaten
uitreikt een veel nuttiger taak en beter betaalde baan kunnen hebben in
onze onderbemande researchafdelingen. Op een vrije markt vinden kopers
en huurders zelf wel hun weg naar het voordeligste alternatief, ook
zonder gewillige certificaten.
Andere
Europese staten functioneren prima met 1/3 minder ambtenaren,
regels en overheidsbeslag. Als België ondanks zijn hoogproductieve
privésector vandaag de middelen ontbeert om de economie uit het
slop te
halen,
of straks zijn ambtenaren en pensioenen te betalen dan is dat omdat
onze overmatige overheid decennialang de productieve sector heeft
leeggehaald en alle reserves zijn opgesoupeerd aan overbodige
bureaucratie. Zij die pleiten voor het in stand houden van parasitaire
overheidsstructuren dragen individuele schuld aan de ontwrichting van
de samenleving. Meer dirigisme biedt geen oplossing voor onze
problemen, overmatig dirigisme is het probleem.