Welcome to Brussel's leading Think-Tank  

The best Social Program
is a Job - Ronald Reagan

02-11-2006
The WebThis Site


Mission Statement

Big Government leads to
Serfdom an
d Poverty
Find out why here

news
home data-portal contact
francais English
         AKTUEEL:   Sociaal-Economische nieuwsbrief                                                                 Terug naar Nieuwsoverzicht
    printervriendelijke versie hier             
De ziekte van de Waalse herstelplannen.
Martin De Vlieghere analyseert het Waalse "Marshall-plan"
Vlaanderen heeft groot belang bij de economische heropleving van Wallonië.  De Vlaamse belasting- en bijdragebetaler zou graag een sterker Wallonië zien dat proportioneel meer deelt in de kosten van de verzorgingsstaat. Sommige Vlamingen investeren ook rechtstreeks in Wallonië door hun bedrijfsvestiging te delocaliseren naar de ruimere Waalse industrieterreinen. 
Zij ondervinden aan den lijve de problemen in Wallonië: een nog groter gebrek aan technisch personeel en nog hogere belastingen dan in Vlaanderen. Als er dan sprake is van een bundeling der Waalse politieke krachten om ondernemen en werken terug aantrekkelijk te maken, dan kijkt Vlaanderen halsreikend mee.


Destexhe

Helaas stelde het ‘Toekomstcontract' uit 2000 niet veel voor. Terwijl Vlaanderen stagneert, slaagt het andere landsdeel er niet in om een inhaalbeweging te maken. Hoewel eerst verguisd, heeft het rapport van MR senator Alain Destexhe over de illusie van ‘le rebond Wallon' de regerende politici gedwongen om toe te geven dat zij hun huiswerk moesten overdoen. Het nieuwe ‘Marshallplan', een politiek akkoord tussen de Waalse regeringspartijen voor de toekomst van de regio ligt nu voor. Dit plan zal Wallonië helaas niet vooruit helpen.

Etatistisch
Van de 1054 miljoen euro die de Waalse regering meent over te hebben voor het herstelplan, wordt zo maar liefst 91,2% voorzien voor subsidies en overheidsparticipaties. Slechts 8,8% dient ter dekking van de minderinkomsten ten gevolge van af te schaffen taksen en heffingen. De subsidies gaan naar zogenaamde ‘concurrentiële sectoren', naar onderzoek en ontwikkeling en naar onderwijs.

Dirigistische Sectorkeuze
Wie hierin hoop voor de toekomst ziet, staat intellectueel in de vorige eeuw. Deze generatie zou moeten geleerd hebben dat beloftevolle sectoren alleen door de markt worden bepaald en niet door politici, noch door hun adviseurs. Volgens de Waalse regering zijn de sectoren van de toekomst de farmaceutische industrie, de voedingsmiddelenindustrie, engineering en de transport- en de luchtvaartsector. 
Hoewel er in de toekomst waarschijnlijk steeds meer geneesmiddelen nodig zullen zijn, zowel door de veroudering van de bevolking als door medische vooruitgang, is niemand in staat om op redelijke gronden te investeren in de gehele farmaceutische sector van een bepaald land.

De vraag naar staalproducten is sinds de Grote Depressie bijna ononderbroken toegenomen, toch zijn de Belgische overheidsparticipaties in de staalsector rampzalig gebleken. Indien de regering opnieuw denkt de markt te slim af te moeten zijn in functie van de werkgelegenheid, dan zit men voor men het weet opnieuw met ‘nationale sectoren' die in hun doodstrijd eerst volledig worden overgenomen door de belastingbetaler om daarna toch ten grave te worden gedragen. Het wordt onder meer door het VBO positief onthaald dat de Waalse regering haar participatie in het staal te gelde maakt, maar in feite heeft blijkbaar niemand iets geleerd want dit geld wordt gebruikt om te investeren in de ‘belangrijke' sectoren van dit ogenblik.

Herhaling Fouten uit Verleden
De Waalse regering herhaalt daarmee de fouten van de Belgische regering van de vorige eeuw. Overigens moet gevreesd worden dat bepaalde elementen in de Waalse regering bewust kiezen voor een toenemende verstrengeling van de ‘concurrentiële sectoren' en de overheid. De luchtvaartsector bijvoorbeeld zou inderdaad moeten competitief zijn, maar juist wanneer de overheid participeert in het kapitaal is dat een signaal dat de betrokken ondernemingen zwak staan, reeds sterk afhankelijk zijn van politieke beslissingen (overheidsbestellingen) en dat dit proces van toenemende politieke afhankelijkheid zichzelf zal versterken.

Subsidiëring
Bovendien zijn de gebruikte formules ‘ondersteuning van investeringen' en ‘steun aan de export en aan buitenlandse investeerders' in het dinsdag aan de pers gepresenteerde akkoord over de ‘versterking van de concurrentiële sectoren' een vrijgeleide voor subsidies. Subsidies zijn de ziekte van de Waalse economie.
Het luik ‘Ondersteuning van onderzoek en ontwikkeling' blijkt bij nader toezien uitsluitend aan de universiteiten ten goede te komen. De financiering van 120 bijkomende doctoraatsbeurzen getuigt van een uitzonderlijk groot vertrouwen in de academische wereld, maar zelfs indien dit vele toponderzoekers zou opleveren, dan nog kan men niet verwachten dat fundamenteel wetenschappelijk onderzoek snel commercieel waardevolle vernieuwing zal opleveren.



Positief : Belastingsverlaging
Gelukkig gaat het niet allemaal de verkeerde kant uit. Voor het verlichten van de fiscale druk wordt helaas slechts 92,5 miljoen ( 8,8% van het plan) vrijgemaakt. De kostprijs voor de overheid is dus minimaal. Toch worden daarmee een verrassend en hoopgevend groot aantal zeer tergende taksen en heffingen afgeschaft. De meerwaarde voor de samenleving zal groot zijn. Het openbaar ambt hoeft niet meer zo snel verjongd te worden aangezien een aantal jobs voor belastingambtenaren zullen verdwijnen waardoor minder op rust gaande ambtenaren nog moeten vervangen worden.

Positief: Administratieve Vereenvoudiging
De ondernemingen zelf zullen ook minder administratief werk hebben en samen met de verlaging van de fiscale last brengt dit veel meer op dan die 92,5 miljoen inkomsten die de overheid misloopt. Deze opbrengst kunnen de ondernemingen integraal gebruiken voor de reële loonsverhogingen die nodig zijn om de jongeren terug te motiveren voor de knelpuntberoepen.

Hoe hoger de lasten op werken en ondernemen, hoe meer herverdeling van de knelpuntberoepen die per definitie de meeste reële waarde toevoegen (toegevoegde waarde wordt immers bepaald door vraag en aanbod) naar de beroepen waar geen gebrek aan kandidaten voor is. Hoe meer de overheid zelf jobs creëert – in haar eigen administratie of , onrechtstreeks, in de bedrijven die bedolven worden onder de administratieve verplichtingen – hoe meer de productieve werknemers van hun toegevoegde waarde worden beroofd en gedemotiveerd raken.

Laffer effect
Het afschaffen van taksen en heffingen is een structurele besparing en financiert zichzelf. Zelfs gewone lastenverlagingen hebben vaak het effect dat de overheid helemaal geen inkomsten misloopt. Door de verlichting van de belastingdruk neemt de economische groei toe en stijgt de belastbare basis. Aangezien in België het overheidsbeslag nu reeds veel hoger is dan wat optimaal is voor de inkomsten van de staat, laat staan voor de welvaart van het land, moet Wallonië het overheidsbeslag tot publieke vijand nummer 1 verklaren. Onder overheidsbeslag moet ook het surplus aan regelgeving worden verstaan die weinig doeltreffend is, maar wel zwaar weegt op de bewegingsruimte van de ondernemers en op de zelfredzaamheid van het gezin.  

  Nationale consequenties
Natuurlijk moet ook de federale regering meewerken want het overheidsbeslag is in heel het land levensgevaarlijk groot. Niet alleen de Waalse politici moeten leren minder bang te zijn voor de gevaren van het privé-initiatief en meer bang te zijn voor het gevaar dat het overheidsbeslag te grote delen van de bevolking in de illegaliteit, of erger nog, in de lethargie drijft.

Hopelijk wordt het fiscale luik van het Waalse plan krachtdadig uitgevoerd en kwakkelt de uitvoering van de andere luiken. Dan wordt één stap vooruit gezet en blijft er nog wat geld over om terug te geven aan de ondernemende en werkende Waal. Dit kan al voldoende zijn voor een kleine inhaalbeweging die moed geeft om verder te gaan op het ingeslagen pad. Pas dan mogen we spreken over een ‘rebond Wallon'.

Martin.De.Vlieghere@pandora.be


AKTUEEL:   Sociaal-Economische Nieuwsbrief

      Overzicht recentste Artikels :   

       U Kan deze nieuwbrief gratis per mail toegestuurd krijgen.
       Mail daarvoor naar  willy.de.wit@pandora.be.




































   

25/11/2005

         AKTUEEL:   Sociaal-Economische nieuwsbrief                                                                  Terug naar Nieuwsoverzicht
Het  mirakel  Ierland.
Hoe een straatarm land welvarend werd
(The Celtic Tiger)

Meestal gebeuren mirakels binnen een Kerkgemeenschap. Diegenen die het geluk hadden mirakels te produceren, werden daar doorgaans ook voor beloond, nl. heiligverklaring.

Ierland heeft  aangetoond, dat ook andere mirakels mogelijk zijn en dat daar ook een enorme beloning aan vasthangt, een
beloning die echter weggelegd is voor de ganse Ierse bevolking, niet door een heiligverklaring, maar door een creatie van een uitzonderlijke welvaart.

De welvaartsexplosie die Ierland de laatste 17 jaar heeft neergezet kan beschreven worden als een ongeëvenaard wonder. Voor onze politici zou dit een aansporing kunnen zijn, om dezelfde maatregelen te nemen, met garantie op succes. Om welbepaalde redenen zal dit echter niet gebeuren. Dit is dramatisch, maar het is zo. De redenen hiervan wil ik u graag uiteenzetten in een volgende mailtje.

Armoede
Honderden jaren lang was Ierland het armste land van Europa. Toen het 30 jaar geleden toetrad tot de EU, was het land er zeer slecht aan toe. Het leven was armtierig en de hoge werkloosheid leek een chronische ongeneeslijke kwaal. In 1982 was de totale uitstaande overheidsschuld opgelopen tot 92.2 % van het BBP (Bruto Nationaal Product), om verder te stijgen naar 110 % van het BBP in 1986, na België het hoogste cijfer van alle OESO-landen. Het gemiddelde voor de OESO- landen lag toen op 58.1 %. In 1987 bedroeg de werkloosheid in Ierland het ongelooflijke cijfer van 17.7 % van de beroepsbevolking, 60 % hoger dan in België (ons cijfer was toen 11 %). De  gemiddelde werkloosheid van de OESO-landen lag toen op 7,3 % van de beroepsbevolking. Tegelijk ging Ierland gebukt onder zeer hoge belastingtarieven.


Famine Memorial, Dublin
De ommekeer: van arm naar rijk
 
Na de verkiezingen van 1987 kwam er een drastische ommekeer. Minister van Financiën Bertie Ahern, later in die functie opgevolgd door Charlie McGreevy,  hebben hierbij een sleutelrol gespeeld. (Bertie Ahern werd dan premier).

Beide mannen hadden blijkbaar een gezond boerenverstand. Zij moesten niets weten van de vele aanbevelingen van geleerde (?) economen en nog veel minder van de zogenaamd geleerde bureaucraten van de EU.

Zij zagen in dat de zeer hoge belastingtarieven een sterke rem betekenden op ondernemersinitiatief, op investeren, werken, sparen en beleggen. Zij begrepen blijkbaar datgene wat de bureaucraten van de EU niet begrepen, nl. dat mensen en ondernemingen bereid zijn te werken en te investeren als zij ervoor betaald worden.
 
En dat die bereidheid wegvalt, als het grootste deel van het loon of de verdienste aan een (te) gulzige en dikwijls verkwistende overheid moet afgestaan worden. De oplossing van het "probleem Ierland" leek hun zo eenvoudig.

Geleerde boeken hadden zij voor die oplossing niet nodig. Wat deden die mannen :

Het hoge marginale belastingtarief in de personenbelasting werd verlaagd van 64 % eerst naar 48 % en daarna naar 42 %. De vennootschapsbelasting werd spectaculair verlaagd van 32 % naar 12.5 %.  Dit was alles, eenvoudiger kon het niet.




Welvaartsexplosie

Deze maatregelen bleken een schot in de roos. Tussen 1995 en 2003 steeg het BBP (Bruto Binnenlands Product ) met een formidabele 86 %. Het BBP is de waarde van alle goederen en diensten die een land in één jaar voortbrengt, het is dus de welvaartsmeter, of de rijkdom als u wil. Ondanks (of dank zij) de sterke vermindering van de belastingtarieven, stegen de inkomsten uit belastingontvangsten met een onwaarschijnlijke 73.6 %. De werkloosheid die in 1987 was opgelopen tot 17.7 % daalde naar 4.2 % in het jaar 2000.
Door de sterke stijging van de belastingontvangsten werd de overheidsschuld in sneltempo afgebouwd. Deze schuld bedraagt thans nog slechts 30 % van het BBP.(komende van 110 %)  In België ligt deze schuld nog steeds rond de 100 % van het BBP. Ierland heeft thans de laagste overheidsschuld van alle EU-landen, terwijl het in 1987 nog de tweede hoogste had (na België). Wat een prestatie!

Hoe kunnen belastingontvangsten zo sterk stijgen met veel lagere belastingtarieven?
Vroeger dacht men dat dit kwam door de verhoging van de consumptie. Op eerste zicht logisch, omdat de mensen met de lagere belastingtarieven netto meer over houden en dus meer kunnen consumeren. De koopkracht zou stijgen. Daardoor zou de economie (zo dacht men) uitbreiden en de belastingontvangsten zouden stijgen. (In economisch jargon noemt men dit "de vraagtheorie").

Die visie is onjuist gebleken. Uitgebreid onderzoek heeft uitgewezen, dat een tariefverlaging van belastingen (op voorwaarde dat de verlaging aanzienlijk is) een heel ander effect heeft. De verlaging zal niet de consumptie aanwakkeren, maar zal een sterke uitbreiding meebrengen van het ondernemersinitiatief, van investeringen, van werken, van sparen en beleggen. Dit laatste is noodzakelijk omdat de gespaarde gelden nodig zijn voor de financiering van de investeringen. De stijging van de consumptie zal pas volgen daarna.

Maar er is nog een tweede (schijnbare) paradox : Als men het hoogste marginale belastingtarief aanzienlijk verlaagt (dit is dus het tarief van de zogenaamde " rijken"), dan heeft men steeds vastgesteld dat deze "rijken" na de tariefverlaging een hoger bedrag aan belastingen betalen dan ervoor. De logica van dit eerder vreemde fenomeen is niet ver te zoeken. 
De "rijken" zijn doorgaans het meest ondernemende deel van de bevolking. Het zijn zij  die het sterkst zullen reageren op de verlaging van de belastingtarieven, door hun economische activiteit te verhogen. Zij zullen opnieuw investeren en ondernemersinitiatief nemen. Hun belastingbasis zal  verbreden.

Een lager tarief op een veel bredere belastingbasis kan meer opbrengen dan een hoog tarief op een smalle basis. Als er geen economische activiteit is, is er ook geen inkomen en dan mag het belastingtarief zo hoog zijn als men maar wil, maar de staat zal niets ontvangen.

Misschien wist u dit niet of gelooft u dit niet
Dan moet u zich niet ongelukkig voelen, de politici weten het ook niet. Om uw twijfels weg te nemen, stel ik voor om volgende maal met overvloedig bewijsmateriaal te komen, bovenop de cijfers die u al voor Ierland hebt gekregen. Het belang van dit fenomeen is natuurlijk enorm. Indien de politici en de bevolking dit mechanisme zouden begrijpen, dan kunnen onze politici hetzelfde doen, als Bertie Ahern en Charlie McGreevy.

Dan ook zouden wij maar de helft zoveel belasting betalen en onze werkloosheid zou volledig verdwijnen, en onze staatsschuld zou snel kunnen afgelost worden. Waarom onze politici dit niet zullen doen, hierover zal ik je graag mijn idee geven de volgende maal.


Willy De Wit,
































   

25/11/2005

         AKTUEEL:   Sociaal-Economische nieuwsbrief                                                                  Terug naar Nieuwsoverzicht
Duits Drama
Waarom Europa's gangmaker wegzinkt in recessie.
De hervormingsplannen van Angela Merkel.
Op dit ogenblik speelt zich in Duitsland een economisch drama af waarvan de gevolgen zo verstrekkend zullen zijn, dat zij gewoon  niet te overzien zijn.

Wat is er aan de hand?
Duitsland zit zo diep in de put (6 miljoen werklozen en stijgend), dat velen denken aan een ware ineenstorting. Duitsland wordt het Ierland van 30 jaar geleden indien niet snel totaal nieuwe maatregelen worden genomen.



In de aanloop naar de verkiezingen, heeft de partij van Angela Merkel een  prachtig voorstel gelanceerd als programmapunt, nl. de invoering van een vlaktaks van 25 % op alle inkomsten boven € 20.000 . Dit voorstel werd uitgewerkt door Professor Kirchhof, een fiskaal deskundige, die blijkbaar het Ierse succesverhaal bijzonder goed kende. (Kirchhof was door Angela Merkel voorbestemd om minister van Financiën te worden, als zij de verkiezingen zou winnen.) Die maatregel zou  een aanzienlijke lastenverlaging betekenen, vooral voor de hoge inkomens, die nu door de progressie van de belastingsschalen zwaar worden afgestraft. Bij een vlaktaks valt die onrechtvaardigheid weg, omdat iemand die bv. het dubbele verdient ook het dubbele aan belasting betaalt, maar niet het drie of vierdubbele, zoals dat  met een progressieve schaal het geval is.

Kirchhof en Merkel
Kirchhof en Merkel zijn blijkbaar witte raven, die begrepen hebben, dat deze maatregel een gelijkaardig effect zou hebben als in Ierland. Het is zeker geen "cadeau" aan de "rijken", want deze zullen met kwasi zekerheid na de verlaging een hoger bedrag aan belasting betalen, wegens de verbreding van hun belastingsbasis.

Het voorstel Kirchhof was de reddende hand die gereikt werd aan de Duitse drenkeling. Helaas, het heeft niet mogen zijn.

Leugens
Een storm van protest barstte los bij de SPD (De Socialistische Partij) . Zij kwamen met de eeuwige (leugenachtige) slogan, dat het voorstel van de vlaktaks een cadeau was voor de rijken en dat zulks onaanvaardbaar was. Integendeel men moest de "rijken" bestraffen met een vermogensbelasting in te voeren.

Merkwaardig was dat het brede publiek het ook zo zag en Merkel moest het voorstel intrekken en verloor plots in de verkiezingspolls een groot deel van haar voorsprong ten opzichte van Schröder. Ook zal zij wellicht verplicht worden Kirchhof als kandidaat-minister van Financiën te laten vallen. De gevolgen van de houding van de Socialisten, zouden wel eens dramatisch kunnen zijn voor Duitsland.

Dwazen
Zo is nog eens bewezen, dat  het overgrote deel van de politici en van het publiek geen jota begrijpt hoe de economie echt werkt. Moge dit voor u en voor mij een aansporing zijn, om met het initiatief van Workforall verder te gaan en te proberen zoveel mogelijk mensen op een zeer eenvoudige manier uit te leggen hoe de vork precies aan de steel zit. Indien  u  met onze standpunten kan akkoord gaan, dan hoop ik, dat u deze teksten dan ook aan zoveel mogelijk van uw relaties en kennissen zal willen doorzenden. Tot volgende keer.

Willy De Wit,


Terug naar Nieuwsoverzicht
Het belangrijkste in 10 punten
uit Kirchof 's hervormingsplannen.


De Duitse wetgeving inzake directe belastingen was nog nooit zo dringend aan een hervorming toe als nu. De onderzoeksgroep "Bundessteuergesetzbuch" (lett.: federaal belastingwetboek) in Heidelberg heeft onder leiding van Professor Dr. Paul Kirchhof met het "Einkommensteuergesetzbuch" (wetboek inkomstenbelasting) een uitvoerig hervormingsontwerp opgesteld. De basisideeën zijn:

1. Geen sturende voorschriften meer
Sturende en subsidievoorschriften, die „verborgen" zijn in belastingwetten, onttrekken zich aan de controle van het parlement en de gemeenschap. Als de staat uitgaven wil doen, moet hij dit in jaarlijks te vernieuwen uitgavenwetten (Leistungsgesetzen) doen.

2. Nog slechts één soort inkomen
Alle inkomens moeten gelijk behandeld worden. Voordelen voor één groep belastingbetalers zijn steeds in het nadeel van de andere. Als er nog slechts één soort inkomen is, bestaat er ook geen gevaar dat de verschillende inkomens anders belast worden.

3. Eén enkel belastingpercentage
De verschillende belastingpercentages voor ondernemingen en particulieren verhinderen een neutrale belasting die onafhankelijk is van de rechtsvorm en leiden tot rechtsvormen die vaak onzinnig zijn vanuit economisch en vennootschapsrechtelijk oogpunt, zoals de GmbH & Co. KG. Als er een uniform belastingpercentage geldt (bijv. 25 %), kunnen vele inkomens afdoend aan de bron belast worden. Dat geldt zowel voor inkomen uit arbeid als voor inkomen uit kapitaal of aandelen. Een verrekening met de voorafbetaalde belastingen en het "Halbeinkünfteverfahren" worden daardoor overbodig. Belastingvormen op basis van progressie, zoals het overdragen van inkomen van de ouders op de kinderen, zullen tot het verleden behoren.

4. Integratie van de vennootschapsbelasting in de inkomensbelasting
Door de zelfstandige rechtspersoon („fiscaalrechtelijke persoon") kan de scheiding tussen de vennootschapsbelasting en de inkomensbelasting opgeheven worden. Als fiscaalrechtelijke persoon geldt elke economische entiteit waarbij meerdere personen betrokken zijn, d.w.z. alle personenvennootschappen en alle entiteiten die momenteel onderworpen zijn aan vennootschapsbelasting. Daardoor wordt de vennootschapsbelasting overbodig.

5. Gezinsvriendelijke belasting, progressie
Het bestaansminimum van de belastingplichtige en zijn gezin is principieel belastingvrij doordat er bedragen mogen worden afgetrokken van het belastbare bedrag. Daardoor ontstaat er voor natuurlijke personen een indirect progressieve belastingstructuur, die verregaand in overeenstemming gebracht kan worden met de huidige belastingstructuur.
 
Elke onbeperkte belastingplichtige heeft recht op een belastingvrij basisbedrag van 8.000 euro. De volgende 5.000 euro zijn slechts voor 60 % onderworpen aan de belasting en de daaropvolgende 5.000 euro voor 80 %. Een vereenvoudigingsforfait van 2.000 euro voor beroepsonkosten wordt al op voorhand van de beroepsinkomsten afgetrokken. Bijgevolg begint de volle belastingplicht pas bij een inkomen van 20.001 euro. Gehuwden die samenwonen, kunnen alle vrijgestelde bedragen aan elkaar overdragen en hun inkomsten onderling verrekenen. Andere wettelijke tot onderhoud gerechtigden kunnen alleen het belastingvrij basisbedrag aan de onderhoudsplichtige overdragen.
Wie aanspraak kan maken op een sociale uitkering, kan het belastingvrij basisbedrag niet zelf benutten noch overdragen. Het bestaansminimum van de kinderen wordt door het kindergeld gedekt.


6. Uitgestelde belasting
Geld dat wordt overgemaakt aan de wettelijke „pensioenfondsen", is niet beschikbaar voor de huidige behoeften. Omgekeerd verhoogt de latere betaling uit het pensioenfonds de koopkracht van de begunstigde. Bijgevolg is het niet meer dan logisch alleen de pensioenbetaling te belasten en de pensioenbijdragen belastingvrij te laten. Hetzelfde geldt voor de vrijwillige betalingen in fondsen die door certificatie erkend zijn en gelijkgesteld zijn aan de wettelijke pensioenfondsen.

7. Gelijke belasting door beperking van de fiscale mogelijkheden
Fiscale regelingen moeten - voornamelijk door onvermijdelijke fiscale feiten - zoveel mogelijk verhinderd worden. De burgers kunnen zich dan weer op het presteren concentreren in plaats van te zoeken naar „verliezen" en anderen te benijden om hun vermeende fiscale mogelijkheden.

8. Bepaling van het inkomen
Naast de fiscale balans zal ook de vereenvoudigde boekhouding (Überschussrechnung) blijven bestaan. Een balans opstellen is verplicht voor zelfstandigen en – in vereenvoudigde vorm – verhuurders. Het grote voordeel van de fiscale balans is dat het aanleggen van stille reserves verregaand verhinderd wordt, zodat ook de problemen die zich tot dusver hebben voorgedaan bij de ontdekking daarvan, voorkomen worden.

9. Minder administratie
Alleen zelfstandigen en verhuurders moeten nog regelmatig een belastingaangifte indienen. Alle anderen kunnen dit doen wanneer er problemen optreden bij de belasting aan de bron. Door de verregaande belasting aan de bron worden zowel de burgers als de fiscus ontlast.
 
10. Vermindering van het aantal voorschriften
Momenteel zijn er meer dan 200 Steuerstammgesetze (fiscale stamwetten). Dit hervormingsvoorstel omvat één enkel fiscaal wetboek, waardoor de momenteel meer dan 30 staatsbelastingen beperkt worden tot 4: een inkomensbelasting, een omzetbelasting, een belasting op erfenissen en schenkingen en een algemene verbruiksbelasting.
Terug naar Nieuwsoverzicht



































   

25/11/2005

         AKTUEEL:   Sociaal-Economische nieuwsbrief                                                                 Terug naar Nieuwsoverzicht
5% Welgaartsgroei is geen Utopie
Studie van WorkForAll levert Doorbraak in de Analyse van Europese Stagnatie.
In de laatste decennia kende België zoals trouwens de meeste Europese landen meer periodes van stagnatie dan van stevige groei. Nochtans zijn er binnen Europa ook merkwaardige uitzonderingen. Ierland maar ook Luxemburg en Portugal kenden groeiritmes die men traditioneel associeert met de Aziatische tijgers zoals China. Waaraan zijn deze groeiverschillen toe te schrijven ? WorkForAll heeft de macro-economische cijfers van de 17 Europese landen onder de loep genomen en enkel markante oorzaken van groeiverschillen vastgesteld.
Ook Belgie kan een significante welvaartsgroei realiseren mits 3 maatregelen. Een vermindering van het relatief overheidsbeslag tot het welvaarts-"Armey" optimum, een verlaging van de loon- en inkomstenbelasting en tenslotte een substitutie van de loon- en inkomensbelasting door consumptiebelasting. Reeds na enkele jaren leidt tot een indrukwekkende groei waarbij de middelen ontstaan om de nu problematische welzijsbehoeften in te vullen.
tewerkstelling_welvaart
Een beknopte analyse van de Belgische economie

Dat de Belgische economie voor grote uitdagingen staat hoeft geen betoog. De werkloosheid, de vergrijzing, globalisering en tekorten in de Sociale Zekerheid en de Gezondheidssector zijn maar de meest markante ervan. Dat de Belgische economie momenteel weinig gewapend is voor deze uitdagingen blijkt uit het toenemend aantal delokalisaties, faillissementen, het gebrek aan starters en een toenemend pessimisme. De prive-sector verliest jobs bij de vleet.

Nochtans, in België wordt hard en efficient gewerkt. De Belgische productiviteit staat op de tweede plaats na de VS. Aan de inzet van de werknemers of het management van de bedrijven kunnen de slechte groeiprestatie niet geweten worden. Veeleer moet de oorzaak gezocht worden in een structureel macro-economisch mismanagement door de overheid.

Optimale belastingniveaus, welvaartsgeneratie en systeem efficientie
Een eerste vaststelling uit de macro-economische cijfers is dat sterk groeiende landen een kleine overheid hebben (Ierland 35,2% BNP, 2003) terwijl zwakke groeiers allen een hoog overheidsbeslag kennen (Denemarken 59,1;  Nederland 48,9 %, Zweden 58,2 %, Belgie 51,4 %, 2003).
 
Over de relatie tussen omvang van de overheid en de welvaartsgroei werd in het laatste decennium baanbrekend onderzoekswerk verricht. Het meest markante werk werd verricht door de econoom Armey die in 1995 de notie van optimale omvang van de overheid populariseerde. Zijn theorie sluit nauw aan bij de theorie van Laffer (1985) over de afnemende meeropbrengsten van belastings-ontvangsten naarmate de aanslagvoeten toenemen.



optimale belastingsvoet
armey

Armey gaat verder,
en bestudeert vooral de impact op de groeiprestaties bij toenemende belastingsdruk en toenemende omvang van de overheid. Armey stelt vast dat bij totale ontstentenis van overheid een lage welvaartgroei wordt gerealiseerd, omdat essentiële collectieve infrastructuur ontbreekt, en de productiviteit bijgevolg bijzonder laag is. En ook omdat er zonder overheid anarchie heerst zonder recht of bescherming van eigendomsrechten. In zo'n gemeenschap zijn de burgers weinig gemotiveerd tot sparen, werken en investeren, omdat ze permanent bestolen of onteigend kunnen worden.

In het tegengestelde geval, als de totale beschikking over de output bij de overheid ligt, is de welvaartsgroei zeer gering. Zoals ook Laffer opmerkte hebben de burgers dan zeer weinig motivatie tot een productieve bijdrage, gezien de totale opbrengst van hun inspanningen bij de overheid terecht komt.

Tussen de twee extremen bevinden zich landen waar een mix van privaat en overheidsbeschikking op de allocatie van economische middelen bestaat. Hier wordt de welvaartsgroei aanvankelijk groter naarmate de overheidsbestedingen toenemen. De opbouw van infrastructuur en rechtsstaat werkt als een katalysator voor de economie en draagt sterk bij tot toename van productiviteit en welvaart. Op een gegeven moment evenwel gaat de welvaartstoename minder snel stijgen dan de stijging van het overheidsbeslag tot een maximum bereikt wordt. Voorbij dit optimum leiden bijkomende overheidsbestedingen niet langer tot welvaartsgroei, maar neemt de welvaartsgroei zelfs af. Dit is het gevolg van het feit dat de overheid steeds meer schaarse hulpbronnen aan de private sector onttrekt, waar ze productiever zouden kunnen worden aangewend, bv. voor de creatie van innovatieve bedrijven. Ook omdat voorbij dit maximum de fiscale druk een negatieve spiraal op gang brengt waarbij niet alleen arbeid aan de officiële economie ontrokken wordt, maar vooral de bereidheid tot productieve bijdrage zelf afneemt naarmate het overheidsbeslag toeneemt.


Deze afnemende bereidheid tot productieve bijdrage blijkt o.m. uit een empirisch onderzoek van de OESO, dat de significante negatieve relatie tussen aantal gewerkte uren en ook de toename van de grijze economie bij stijgende belastingsdruk aantoont.
Een vergelijking van tussen Ierland en België

Een vergelijking van het historisch verloop van de overheidsbestedingen Ierland met Belgie illustreert de werking van het Armey-effect. Tot 1980 hielden Ierland's overheidsbestedingen ongeveer gelijk tred met de Belgische, en verliepen ook de groeiprestaties van beide landen paralel. Tussen 1980 en 1985 liet de regering Martens-Mathot met een Keynesiaans beleid de overheidsuitgaven ontsporen, en  Rond 1983 werd de kaap van 50% van het BNP overschreden. Dit resulteerde in een continue stijging van belastingsdruk,  staatschuld, en onproduktieve overheidsbestedingen. De negatieve spiraal was geboren.

Ierland daarentegen gooide  in 1985 het roer radicaal om. In drie jaar tijd verminderde het zijn overheidsbestedingen met niet minder dan 20%, en gaf zo de start tot een periode van ongekende welvaartsgroei (gemiddeld 5,6% van  1985 tot 2002.)

Intussen hield België vast aan een beleid van op de economie, met stagnerdende groei voor gevolg. Zelfs onder gunstigste conjuncturele omstandigheden werden de overheidsbestedingen  nauwelijks teruggedrongen. In 2003 bedroegen ze 51,4% van het BNP tegenoger 35,2% in Ierland. Daarmee is de Belgische overheid op vandaag 46% groter dan de Ierse.

Ierland-Belgie


De analyse van Armey is kwalitatief, en vertolkt wat velen intuitief aanvoelen Vijftien jaar na de eerste ramingen in de VS was het  Primoz Pevcin, (University of Ljubljana) die in 2004 als eerste het Armey-optimum empirisch vaststelde voor de Europese landen. Voor België berekende Primoz de optimale omvang van de overheid op 42% hetgeen inhoudt dat de Belgische overheid ongeveer 21% moet afslanken om een optimale welvaart aan zijn burgers te garanderen.

Vasststellen dat zich aanzienlijke verschillen in welvaartsgroei voordoen tussen de Europese landen, is meteen ook de vraag stellen naar de oorzaak van die groeiverschillen. De voor de hand liggende techniek op dit uit te zoeken is een meervoudige regressie.

Regressie analyse legt de pijnpunten bloot

Voortgaande op de economische theorie nam WorkforAll aan dat de welvaartsgroei in een land bepaald wordt door uiteenlopende factoren. Dit kunnen zowel specifieke landeigen kenmerken zijn (leeftijdsstructuur, aantal gepresteerde uren per werknemer, spaarquote...), als externe omgevingsfactoren (olieprijs, wisselkoersschommelingen...), of ingrepen van de overheid. De aandacht ging daarbij evenwel vooral naar de beleidsfactoren, waaraan de overheid effectief iets zou kunnen veranderen om de welvaartsgroei te stimuleren; met name de omvang van de overheidsbestedingen; de structuur van de belastingsontvangsten, het budgettair deficit en de korte termijn intrestvoeten. Na eliminatie van de co-lineaire variabelen werden tenslotte 25 variabelen weerhouden.

correlatie

De groeiprestaties van 17 Europese landen werden afgemeten aan deze 25 factoren in een globale regressieanalyse die zicht uitstrekte over de periode 1985-2002. We konden dus beschikken over 306 waarnemingen (17 landen x 18 jaar). De regressies  werden berekend met timelags van 0, 1, 2, 3 en 4 jaar. Hierbij werden in hoofdzaak data gebruikt van de OESO.  Een pas gepubliceerd onderzoek van het IMF (2004) dat de identieke onderzoeksmethode hanteert, maar een andere landengroep over een langere periode onderzocht (1970-2002), kwam tot dezelfde significante resultaten.
Toch bereikte de IMF studie een geringere regressiecoefficient en kleinere waarden van de richtingscoëfficiënten. Dit was niet alleen te wijten aan het geringer aantal determinerende factoren, maar vooral aan het feit dat de groep onderzochte landen heterogener was. het IMF nam met name in zijn studie landen op die zich aan beide kanten van het Armey-optimum bevinden, wat aan beide kanten in tegengestelde groeielasticiteiten resulteert.

Let wel deze bevindingen gelden voor het geheel van de onderzochte Europese landen en gelden alleen indien alle andere variabelen, zoals de consumptiequote, ongewijzigd blijven. Zoals Primoz aantoonde bevindt Belgie zich behoorlijk rechts van het Armey optimum zodat voor dit land de effecten wellicht nog groter zijn. Daarenboven moeten de wijzigingen substantieel zijn om voldoende effect te resorteren en mogen ze niet teniet gedaan worden door andere compenserende maatregelen, zoniet riskeert zal het globale effect verwaarloosbaar te zijn (zoals men onlangs in Duitsland kon vaststellen.

consumptietax
taxes
Download hier het volledig studierapport

Het moge werkwaardig lijken dat een verschuiving van de belasting op arbeid (een conglomeraat van loonbelasting, inkomstenbelasting en sociale bijdragen) naar consumptiebelasting tot zoveel extra groei aanleiding geeft. De verklaring voor de aanzienlijke groeipotentiëel bij wijzigende belastingsstructuur ligt in een driedubbel effect, die elkaar in een positieve spiraal onderling versterken. Niet alleen verhoogt een lagere loonbelasting de competitiviteit en kan men dus een daling van de werkloosheid verwachten, het behoudt op zijn minst het netto besteedbaar inkomen. Men kan tevens verwachten dat bij een forse verlaging van de loonbelasting de prijzen zullen dalen en de vrijgekomen winst zal verdeeld worden tussen extra werkgelegenheid, verhoging van de nettolonen en betere bruto marges. Het tweede effect is ook niet onbelangerijk. Een dat hogere consumptiebelasting burgers aanzet en bedrijven ook aan een groter deel van hun inkomen te sparen en te investeren, hetgeen uiteindelijk een positieve spiraal versterkt.

Tenslotte is het vrij logisch dat een terugdringen van het overheidsbeslag gunstig werkt. De uiteindelijke oorzaak van de hoge loonbelasting is niet zozeer de herverdelingsfunktie van de overheid via de Sociale Zekerheid en andere mechanismen, maar de inefficiente werking van de overheid zelf. Dit bleek onder meer uit een recente studie van de ECB en ook uit de grafiek van de evolutie van het overheidspersoneel. Ook dit is quasi verdubbeld op 50 jaar met de grootste sprong in de jaren 80 en omvat nu zo'n 27 % van de actieve bevolking
Rentebeleid niet effectief

Een opmerkelijke conclusie uit het regressonderzoek is ook dat geen eenduidig effect van het laag-rentebeleid  op de welvaartsgroei kon worden vastgesteld. Workforall komt tot de conclusie dat in landen die een belangrijk netto tegoed tegenover het buitenland combineren met een aanzienlijke overcapaciteit (zoals België vb.), het remmend effect van gederfde rente-inkomsten zwaarder doorweegt dan het stimulerend effect van goedkoper investerings- en consumptiekrediet. De inefficiëntie van de jarenlang volgehouden bijna-zero rente in Japan en Zwitserland, lijken deze conclusies te bevestigen. Workforall concludeert dat Intrestverlaging vooral een stroom van artificiële investerings- en consumptiebestedingen op gang brengt die niet duurzaam kunnen zijn. Voor een duurzame groei te is méér nodig dan artificiële pepmiddelen: In de eerste plaats een omgeving die de lust om te ondernemen en te investeren herstelt. Belangrijk hierin zijn onder meer het herstel van de rechtszekerheid,  de afbouw van bureaucratie en de excessieve winstbelasting en talloze contraproductieve overheidsingrepen.

De algemene conclusie is dat elke overheidsmaatregel die enkel gericht is op het in stand houden of aanwakkeren van de consumptie (zoals door het aanwerven van extra overheidspersoneel) weinig groei zal teweeg brengen, integendeel. Dit is ook logisch, want dit komt neer op ontrekken van middelen aan de prive-sector. Elke maatregel die daarentegen aanleiding geeft tot verhoogde investeringen en verhoging van de economische output werkt versterkend door het multiplicator-effect. In het volledige studie document worden deze bevindingen bevestigd door verschillende andere studies.
De kickstart: eerst de economische output vergroten om dan de groei blijvend te verdubbelen

Als België straks nog wil meespelen in de globaliserende economie, en de essentiële  solidariteitsmechanismen wil in stand houden is het hoog tijd af te stappen van zijn groeiremmende structuren. De arbeidsonttradende fiscaliteit en het veel te hoog overheidsbeslag op onze economie moet worden gestopt. Ierland gaf het voorbeeld. 15 jaar geleden gooide Ierland het roer radicaal om. Sindsdien evolueerde het in amper 15 jaar van de zieke man van Europa tot de Celtic tiger. Het toont aan dat een drastische ommezwaai niet alleen mogelijk is, maar ook zorgt voor de noodzakelijke groei. Deze groei liet toe dat de reële sociale uitgaven er zelfs bij afnemend overheidsbeslag op de economie drastisch konden toenemen, en armoede werd gebannen. Alleen groei kan immers de ruimte scheppen voor een duurzame financiering van vergrijzing, en allerlei sociale, ecologische en culturele projecten waarvan de politici al zolang dromen.

De sleutel ligt in het opbouwen van een budgetaire ruimte door gebruik te maken van de nu onbenutte arbeid. Op een beroepsbevolking (15 - 65 jaar) van 6 miljoen zijn er nu grosso modo meer dan 2 miljoen mensen 'inactief'. Wellicht is de helft hiervan niet direkt inzetbaar voor allerlei redenen. Ongeveer een miljoen mensen evenwel is nu werkloos of werd vervroegd uit het arbeidscircuit genomen of leeft van een af andere vorm van vervangsinkomen. Dit terwijl de actieve bevolking in de prive sector (zo'n 2.7 miljoen) steeds meer onder druk komt te staan om nog meer te werken voor een lager netto besteedbaar inkomen. M.a.w. afgerond kan de inschakeling van deze arbeidsreserve voor een toename van 37 % van de economische output zorgen.
Download hier het volledig studierapport
Het voorstel is om deze arbeidsreserve in te schakelen via aanwervingen aan nettoloon, met initieel behoud van hun vervanginsinkomen (of op zijn minst een forfaitair minimum) en de Sociale Zekerheid. Dit levert voor de bedrijven een substantiele verlaging op van de gemiddelde loonkost, een forse toename van de bruto marge en produktiecapaciteit en zal aldus de export stimuleren en de delokalisatie afremmen. De maatregel is zelfs, wat de overheid betreft, 'gratis' en budgettair neutraal. Integendeel, de Sociale Zekerheidsuitgaven zullen snel dalen en de verhoogde belastingsontvangsten zullen de nodige budgetaire ruimte scheppen om terug een actief beleid te voeren.

Natuurlijk dient over een periode van 3 tot 5 jaar de loonbelasting voor alle werknemers gelijkgeschakeld en zullen maatregelen nodig zijn om alles in goede banen te leiden. Terzelfdertijd kan ook de consumptiebelasting aangepast worden, wellicht minder dan men soms vreest omdat de economische output sterk zal toenemen. Die consumptiebelasting kan dan wel meer gehanteerd worden om bepaalde maatschappelijke doelstellingen te bereiken, bv. energie besparing en competitiever openbaar vervoer.


Ten slotte moet ook de overheidssector zichzelf in vraag durven stellen en moet ze haar eigen organisatie ontdoen van alle gevestigde belangen en overtollig geworden regels, wetten en administratie. Zij ook moet zich net zoals de industrie terug focussen op haar kerntaak en conform met de bedrijfswetgeving binnen het nieuwe Europa dezelfde regels van corporate governance and transparantie aanmeten die van iedereen verwacht worden. In de 21ste eeuw zijn er geen echte klassen meer en wordt het onderscheid tussen de burgers groot en klein, arm en rijk vooral in stand gehouden door misgroeide erfenissen uit het verleden. De huidige (r)evolutie naar een welzijnsstaat hoeft niet gewelddadig te verlopen, men hoeft alleen de wetten van de economie te respecteren. Ook dit maakt deel uit van het democratische wordingsproces.

eric.verhulst@lancelot.be
paul.vreymans@workforall.net


   

25/11/2005

         AKTUEEL:   Sociaal-Economische nieuwsbrief                                                  Terug naar overzicht Nieuwsoverzicht
Free Downloads :
 

 
willy.de.wit@pandora.be


WFA PUBLICATIONS


WFA PUBLICATIONS
MP3 : 45 min
debat
Link: LVB NET
Hebt u opmerkingen of suggesties ?

mail ons op:

paul.vreymans@workforall.net
Martin.De.Vlieghere@pandora.be

Overname van onze teksten en illustraties is gaarne toegestaan. Wil de bron vermelden aub.