|
Budgetbeheersing
Noodzaak
en
Haalbaarheid in België
1.
Ons overheidsbeslag
is veel te zwaar
Met
een overheidsbeslag van 49% van het BBP behoort
België samen met Finland (50,6%), Denemarken (52%) Frankrijk (53%)
en Zweden
(56%) tot de absolute wereldtop van meest dirigistische landen in de
geïndustrialiseerde wereld (bron: zie 1)
Behalve dit officieel OESO
cijfer kent België
daarenboven nog talloze verborgen belastingen onder de vorm van veel te
hoge
prijzen die we betalen aan monopolies die onze overheden hebben
gecreëerd. Zo betalen we zowat driemaal te veel voor onze GSM
gesprekken omdat
de
staat eerst GSM licenties heeft geveild, en de private
operatoren deze
investering begrijpelijkerwijze van de consument moeten zien te
recupereren.
Zo betalen we voor onze elektriciteit-, gas-, en waterdistributie,
waterzuivering, en
huisvuilverwerking tweemaal te veel omdat
intercommunales daarover
het monopolie hebben.
Ook voor
bouwgrond betalen bedrijven en gezinnen niet
de
normale marginale kostprijs van 20€/m² maar
veelal 200€/m². Als we ons allen
bijgevolg levenslang diep in de schulden moeten steken, is dat
vooral
omdat Ruimtelijke Ordeningsminister
Steve
Stevaert destijds in het structuurplan
Vlaanderen een
quasi-monopolie op bouwgrond heeft verleend aan intercommunales, en
deze
intercommunales een kunstmatige schaarste in stand houden zodat ze hun
vele
bestuurszitjes kunnen blijven financieren. Rekening houdend met al deze
verborgen belastingen benadert het Belgisch overheidsbeslag in
realiteit
wellicht 60%; vermoedelijk het hoogste ter wereld.
2.
Onze belastingstructuur
is uitermate demotiverend
Komt
daar nog bij dat België de meest demotiverende
belastingstructuur heeft van Europa. Onze
belastingschalen zijn steil progressief en daarenboven haalt
België slechts 28.8% van
zijn
belastingen uit consumptie (bron:
zie 2) .

Al de rest komt uit
directe belastingen, zodat
onze marginale belastingvoeten arbeidsontradend hoog zijn. Dit
laat zich bijzonder voelen in Vlaanderen omdat de gemiddelde
belastingopbrengst per Vlaming nog 9,1% boven het rijksgemiddelde
ligt. Steeds
méér werknemers
en werkgevers haken dan ook vroegtijdig af of schroeven hun productieve
bijdrage terug. Geen wonder dus dat onze participatiegraad de laagste
is van
Europa en onze competitiviteit achterop raakt. Sterk
presterende economieën zoals Ierland,
Portugal, of het V.K. hebben een veel lager overheidsbeslag en
financieren hun
overheid in ruimere mate met consumptiebelastingen.
Dat
een hoog overheidsbeslag perverse mechanismen op gang brengt die leiden
tot zwakke groei is logisch en wetenschappelijk bewezen. Niet alleen
ontmoedigt een hoge belastingdruk vlijt en ondernemingszin, maar
daarenboven onttrekt een te zware overheid de nodige werkmiddelen aan
de private sector die deze fondsen voor productieve projecten had
kunnen aanwenden.
<> 
http://aps.vlaanderen.be/straplan/beleidsinformatie/2007-03-belgie-doet-het-goed.pdf
Bron: Socio-Economische Balans van
Vlaanderen - 2007
pag. 60)
(Yves Leterme, Minister-president)
| Willen
we onze productieve krachten hermotiveren en onze economie vitaliseren
dan moet de belastingdruk omlaag. Een verlaging van de belastingdruk
kan evenwel maar structureel zijn én financieel duurzaam als ook
de uitgaven worden gesaneerd. Elke belastingverlaging zonder die
sanering betekent een nieuwe afwenteling op de volgende generaties.
Gezien omvang van onze reeds bestaande schuldenlast zou zo’n
afwenteling niet alleen catastrofale economische gevolgen hebben maar
ook immoreel zijn tegenover zij die na ons komen. |
3. Afslanken
Onze
corpulente
overheid moet dus dringend afslanken. Het zijn al lang niet meer alleen
liberale denkers zoals Nobel Prijswinnaars Friedrich Hayek of Milton
Friedman
die vragen stellen bij een overheid die de helft van de vrucht van onze
arbeid
opeist. Ook anders geïnspireerde filosofen stellen vast dat de
klassenstrijd
tot een ver verleden behoort, en dat in Europa de uitbuiting en
verdrukking al
lang niet meer komen van de kant van hardvochtige werkgevers, maar van
parasitaire overheidsinstellingen die méér aan de
gemeenschap onttrekken dan ze
ertoe bijdragen. Zelfs de pauselijke encycliek Centesimus
Annus
formuleert
bedenkingen bij de betuttelingdrang en de uitkeringsverslaving waartoe
overheden ons verleiden. Het document wijst op de groeiende
immateriële nood
aan zelfbeschikking en waarschuwt voor overexpansieve sociale
structuren en
voor overmatige betutteling als zijnde onverenigbaar met de menselijke
natuur
als vrij en verantwoordelijk wezen. Ook dit is een pleidooi voor een
maatschappij
waarin meer plaats is voor vrijwillige solidariteit en vrije keuze voor
het
individu.
Er
bestaat geen enkele reden waarom
overheidsuitgaven met de welvaartgroei moeten meegroeien. Integendeel.
Met de
toename van de materiele welvaart neemt ook de zelfredzaamheid en de
immateriële behoefte aan zelfbeschikking toe. Op basis van dit
beginsel heeft
Denemarken een budgetstop ingevoerd en heeft ons voorgedaan hoe het
overheidsbeslag pijnloos en toch snel terug te dringen ( bron: zie 3) In 1995 kampte
Denemarken nog met een
overheidsbeslag van bijna 60%, en een uitermate zwakke groei. Sinds
deze
budgetstop kruipt Denemarken geleidelijk uit zijn diep economisch dal.
Niet als
gevolg van de hardvochtige flexicurity regels die uitgebuite en
uitgebluste
burgers met harde hand verplicht langer aan de slag te blijven en
laagproductieve pestkarwijen aan te nemen zoals wordt beweerd, maar
omdat de
budgetbeheersing het overheidsbeslag stilaan terugdringt en
ondernemers, arbeiders en
bedienden stilaan de moed herwinnen om uit vrije wil weer aan de slag
te gaan.
Evolutie
overheidsbeslag en welvaartsgroei
bij toepassing van een Relatieve
Budgetstop
|
Pessimistisch
scenario:
Budgetstop
met
Groei-effect 0,3
|
Realistisch
Scenario:
Budgetstop
met
Groei-effect 0,5
|
Optimistisch
Scenario:
Budgetstop
met
Groei-effect 0,7
|
|
Jaar
|
BNP
|
Publiek
|
Overheid
|
Groei
|
Jaar
|
BNP
|
Publiek
|
Overheid
|
Groei
|
Jaar
|
BNP
|
Publiek
|
Overheid
|
Groei
|
|
|
|
budget
|
/BBP
|
|
|
|
budget
|
/BBP
|
|
|
|
budget
|
/BBP
|
|
|
2007
|
100,0
|
49
|
49,00
|
1,70
|
2007
|
100,0
|
49
|
49,00
|
1,70
|
2007
|
100,0
|
49
|
49,00
|
1,70
|
|
2008
|
101,7
|
49
|
48,18
|
1,95
|
2008
|
101,7
|
49
|
48,18
|
2,11
|
2008
|
101,7
|
49
|
48,18
|
2,27
|
|
2009
|
103,6
|
49
|
47,28
|
2,22
|
2009
|
103,8
|
49
|
47,20
|
2,60
|
2009
|
104,0
|
49
|
47,13
|
3,01
|
|
2010
|
105,9
|
49
|
46,29
|
2,51
|
2010
|
106,4
|
49
|
46,05
|
3,18
|
2010
|
107,0
|
49
|
45,80
|
3,94
|
|
2011
|
108,4
|
49
|
45,21
|
2,84
|
2011
|
109,6
|
49
|
44,71
|
3,84
|
2011
|
110,9
|
49
|
44,17
|
5,08
|
|
2012
|
111,2
|
49
|
44,06
|
3,18
|
2012
|
113,4
|
49
|
43,20
|
4,60
|
2012
|
116,0
|
49
|
42,24
|
6,43
|
|
2013
|
114,4
|
49
|
42,83
|
3,55
|
2013
|
118,0
|
49
|
41,52
|
5,44
|
2013
|
122,4
|
49
|
40,02
|
7,98
|
|
2014
|
118,0
|
49
|
41,54
|
3,94
|
2014
|
123,5
|
49
|
39,69
|
6,36
|
2014
|
130,4
|
49
|
37,57
|
9,70
|
|
2015
|
121,9
|
49
|
40,20
|
4,34
|
2015
|
129,8
|
49
|
37,74
|
7,33
|
2015
|
140,1
|
49
|
34,97
|
11,52
|
|
2016
|
126,2
|
49
|
38,82
|
4,75
|
2016
|
137,2
|
49
|
35,73 | | |