|
|
Fortis
chief-economist Van den Spiegel pleit voor een groeistrategie door
middel van “klassieke” keynesiaanse remedies. De bankier wil de
consumptie aanzwengelen en pleit impliciet voor een laks monetair
beleid. Hij minimaliseert daarbij het inflatierisico en zwijgt zedig
over het immorele schandaal van de 10.000 miljard staatschuld en
geactualiseerde pensioensschuld van ca. 30.000 miljard waar we komende
generaties nu al mee hebben opgezadeld.
Lage rentes mogen dan al goedkope grondstof betekenen, en goede
winstvooruitzichten voor de banksector, of dit de juiste remedie is
voor de op ons afkomende problemen van vergrijzing en werkeloosheid is
een gans andere kwestie.
Dalende prijzen
consumptiegoederen
Van den Spiegel heeft inderdaad gelijk dat Internationaal geproduceerde
consumptiegoederen nauwelijks inflatie kennen, ondanks de ruime
geldschepping en historisch lage rente. Dat de prijzen van
consumptiegoederen niet stijgen is evenwel niet het gevolg van een
geringe vraag, maar het logisch gevolg van een ongeëvenaard aanbod
van consumptiegoederen. Die bereiken ons aan spotprijzen dank zij
productiviteitswinst van de recente globaliseringsgolf. Rekening
houdend met de aanhoudende kwaliteitsverbeteringen blijken de prijzen
van veel van deze consumptiegoederen zelfs te dalen. Denken we maar aan
computers, huishoudapparaten, textiel, electronica, enz...
Stijgende
dienstenprijzen
Tegenover deze prijsdalingen van consumptieproducten staan evenwel
forse prijsstijgingen van lokaal geproduceerde diensten. Met een
toenemend aandeel van onze consumptieuitgaven juist deze sector dreigt
hier wel het inflatiespook, vooral voor bevolkingsgroepen met een
belangrijk aandeel van hun bestedingen in diensten. Eerste in rij
worden de gepensioneerden voor wie een ware armoedeval dreigt, zeker nu
de rendementen op hun beleggingen -die voor een inkomenssupplementje
moesten zorgen- tot nul dalen. Voor velen onder hen zal straks het
eerder geanticipeerde inkomen niet meer volstaan om de duurdere
ruisthuis- en ziekenzorg te betalen. Velen zullen op het OCMW
moeten terugvallen. Maar niet alleen de rendementen op individuele
spaarreserves dalen; zo ook de rendementen van pensioenfondsen, en van
de Belgische economie in haar geheel klappen in elkaar, zodat de
financiering van pensioenen straks nog problematischer wordt.
Als oplossing voor de vergrijzing breng het stimuleren van de
consumptie met lage rentes alleszins geen soelaas. Integendeel:
supplementaire productieve reserves zullen nodig zijn om de veroudering
te financieren, tenzij men andermaal de problemen wil doorschuiven naar
de volgende generaties.
Asset inflatie en
dalende rendementen
Behalve de sterke stijging van de dienstenprijzen stijgen ook de
prijzen van investeringsgoederen aan een indrukwekkend ritme. Kijken we
naar de beurs en onroerend goed, zien we hoe een heuse inflatiebubble
zich ontwikkelt, met historisch lage returns op aandelen, immobilien en
obligaties. Vroeg of laat zal de schrik de beleggers om het hart slaan
en moet deze bubble barsten, met desastreus vermogensverlies vandien.
Deze “asset inflatie” bij afwezigheid van inflatie in de
consumptiesfeer is des te merkwaardiger daar de spaarquote daalt en de
consumptiequote stijgt, dus terwijl de relatieve vraag naar
beleggingsproducten afneemt. Bij een dalende vraag zou men eerder een
daling van de asset prijzen verwachten. Maar het is de lage rente die
de prijzen van huizen, aandelen en obligaties de hoogte injaagt. De
asset inflatie is duidelijk niet het gevolg van een stijgende
spaarquote zoals Van den Spiegel suggereert, maar wel van het laks
monetair beleid en het dalend aanbod van investeringgoederen.
Ondernemingsklimaat
Dit aanbodtekort aan investeringsassets is het logisch gevolg van het
gebrek aan initiatieven en industriële projecten, te wijten aan
een diepgaande ontmoediging van intitiatiefnemers. We werden daaraan
onlangs nogmaals herinnerd in de desastreuse statistieken van aantallen
starters en de statistiek waarbij Belgie het minst ondernemend land van
Europa bleek; ooit was dat eens anders....
Steeds meer Initiatiefnemers haken inderdaad af wegens de excessieve
bedrijfsfiscaliteit, bureaucratie, overmatige regelgeving, of
onbeperkte responsabilisering en zelfs criminalisering van ondernemers.
De hoogst volatiele en dikwijls retro-actieve regelgeving met
multi-interpreteerbare voorschriften hebben ondernemen tot een
rechtsonzeker avontuur in het onbekende gemaakt. Belgie heeft daarmee
ondernemen danig onaantrekkelijk gemaakt dat steeds meer
rationele ondernemers kiezen voor het aanlokkelijk en zorgeloos
alternatief van een risicoloze baan.
Van den Spiegel
zou beter moeten weten: welvaartspotentieel kan slechts worden
opgebouwd door minder te consumeren dan men produceert. Niet een tekort
aan consumptie, maar een gebrek aan inintiatiefnemers is de oorzaak van
de huidige stagnatie. Om een duurzame groei op gang te brengen
en terug welvaart en tewerkstelling in het land te brengen is het
herstel van het investeringsklimaat nodig: Een omgeving creëren
die de lust om te investeren en de vreugde aan het ondernemen herstelt.
Enkele naïeve TV-spotjes zullen niet volstaan. Fundamentelere
ingrepen zijn nodig zoals daadwerkelijke afbouw van bureaucratie,
banning van overbodige vergunningstelsels en adminstratie,
afbouw van investeringsontradende bedrijfsfiscaliteit. Afbouw ook van
de ambtelijke willekeur en fiscale inquisitie. Het herstel van
rechtszekerheid is daarbij primordiaal, en een minimaal respect en
verloning voor de werkkracht van onze risiconemende ondernemers kunnen
ons al een hele stap op weg helpen.
Ierland gaf vijftien jaar geleden het voorbeeld dat een daadwerkelijke
ommekeer kan, en hoe zo’n beleidswijziging moet. Vandaag is Ierland het
tweede welvarendste land van Europa. Vijftien jaar geleden was het op
één na
armste.
Paul Vreymans
|
Other pages on this
site:
Printer-friendly
versions are available on the respective Web Pages
|
|
|