Big Government leads to
Serfdom an
d Poverty

      ►  English Newsletter  
        Nederlandstalige Nieuwsbrief
        French, Italian and other languages 
        Statistics portal - Data from around the Globe
        Freedom Video Library: Economics made easy
        Library - Books, Links, Free Market Institutes, Downloads

   Mission Statement
 
The WebThis Site


Update 24-10-2006

The best Social
Program
is a Job
( Ronald Reagan )
news home news contact
francais English



Alleen bankiers zijn gebaat bij lage rente.
Fortis chief-economist Van den Spiegel pleit voor een groeistrategie door middel van “klassieke” keynesiaanse remedies. De bankier wil de consumptie aanzwengelen en pleit impliciet voor een laks monetair beleid. Hij minimaliseert daarbij het inflatierisico en zwijgt zedig over het immorele schandaal van de 10.000 miljard staatschuld en geactualiseerde pensioensschuld van ca. 30.000 miljard waar we komende generaties nu al mee hebben opgezadeld.

Lage rentes mogen dan al goedkope grondstof betekenen, en goede winstvooruitzichten voor de banksector, of dit de juiste remedie is voor de op ons afkomende problemen van vergrijzing en werkeloosheid is een gans andere kwestie.

Dalende prijzen consumptiegoederen
Van den Spiegel heeft inderdaad gelijk dat Internationaal geproduceerde consumptiegoederen nauwelijks inflatie kennen, ondanks de ruime geldschepping en historisch lage rente. Dat de prijzen van consumptiegoederen niet stijgen is evenwel niet het gevolg van een geringe vraag, maar het logisch gevolg van een ongeëvenaard aanbod van consumptiegoederen. Die bereiken ons aan spotprijzen dank zij productiviteitswinst van de recente globaliseringsgolf. Rekening houdend met de aanhoudende kwaliteitsverbeteringen blijken de prijzen van veel van deze consumptiegoederen zelfs te dalen. Denken we maar aan computers, huishoudapparaten, textiel, electronica, enz...

Stijgende dienstenprijzen
Tegenover deze prijsdalingen van consumptieproducten staan evenwel forse prijsstijgingen van lokaal geproduceerde diensten. Met een toenemend aandeel van onze consumptieuitgaven juist deze sector dreigt hier wel het inflatiespook, vooral voor bevolkingsgroepen met een belangrijk aandeel van hun bestedingen in diensten. Eerste in rij worden de gepensioneerden voor wie een ware armoedeval dreigt, zeker nu de rendementen op hun beleggingen -die voor een inkomenssupplementje moesten zorgen- tot nul dalen. Voor velen onder hen zal straks het eerder geanticipeerde inkomen niet meer volstaan om de duurdere ruisthuis- en ziekenzorg te betalen. Velen  zullen op het OCMW moeten terugvallen. Maar niet alleen de rendementen op individuele spaarreserves dalen; zo ook de rendementen van pensioenfondsen, en van de Belgische economie in haar geheel klappen in elkaar, zodat de financiering van pensioenen straks nog problematischer wordt.

Als oplossing voor de vergrijzing breng het  stimuleren van de consumptie met lage rentes alleszins geen soelaas. Integendeel: supplementaire productieve reserves zullen nodig zijn om de veroudering te financieren, tenzij men andermaal de problemen wil doorschuiven naar de volgende generaties.

Asset inflatie en dalende rendementen
Behalve de sterke stijging van de dienstenprijzen stijgen ook de prijzen van investeringsgoederen aan een indrukwekkend ritme. Kijken we naar de beurs en onroerend goed, zien we hoe een heuse inflatiebubble zich ontwikkelt, met historisch lage returns op aandelen, immobilien en obligaties. Vroeg of laat zal de schrik de beleggers om het hart slaan en moet deze bubble barsten, met desastreus vermogensverlies vandien. Deze “asset inflatie” bij afwezigheid van inflatie in de consumptiesfeer is des te merkwaardiger daar de spaarquote daalt en de consumptiequote stijgt, dus terwijl de relatieve vraag naar beleggingsproducten afneemt. Bij een dalende vraag zou men eerder een daling van de asset prijzen verwachten. Maar het is de lage rente die de prijzen van huizen, aandelen en obligaties de hoogte injaagt. De asset inflatie is duidelijk niet het gevolg van een stijgende spaarquote zoals Van den Spiegel suggereert, maar wel van het laks monetair beleid en het dalend aanbod van investeringgoederen.

Ondernemingsklimaat
Dit aanbodtekort aan investeringsassets is het logisch gevolg van het gebrek aan initiatieven en industriële projecten, te wijten aan een diepgaande ontmoediging van intitiatiefnemers. We werden daaraan onlangs nogmaals herinnerd in de desastreuse statistieken van aantallen starters en de statistiek waarbij Belgie het minst ondernemend land van Europa bleek; ooit was dat eens anders....

Steeds meer Initiatiefnemers haken inderdaad af wegens de excessieve bedrijfsfiscaliteit, bureaucratie, overmatige regelgeving, of onbeperkte responsabilisering en zelfs criminalisering van ondernemers. De hoogst volatiele en dikwijls retro-actieve regelgeving met multi-interpreteerbare voorschriften hebben ondernemen tot een rechtsonzeker avontuur in het onbekende gemaakt. Belgie heeft daarmee ondernemen danig onaantrekkelijk gemaakt dat steeds meer rationele  ondernemers kiezen voor het aanlokkelijk en zorgeloos alternatief van een risicoloze baan. 

Van den Spiegel zou beter moeten weten: welvaartspotentieel kan slechts worden opgebouwd door minder te consumeren dan men produceert. Niet een tekort aan consumptie, maar een gebrek aan inintiatiefnemers is de oorzaak van de huidige stagnatie. Om een duurzame groei op gang te brengen en terug welvaart en tewerkstelling in het land te brengen is het herstel van het investeringsklimaat nodig: Een omgeving creëren die de lust om te investeren en de vreugde aan het ondernemen herstelt. Enkele naïeve TV-spotjes zullen niet volstaan. Fundamentelere ingrepen zijn nodig zoals daadwerkelijke afbouw van bureaucratie, banning  van  overbodige vergunningstelsels en adminstratie, afbouw van investeringsontradende bedrijfsfiscaliteit. Afbouw ook van de ambtelijke willekeur en fiscale inquisitie. Het herstel van rechtszekerheid is daarbij primordiaal, en een minimaal respect en verloning voor de werkkracht van onze risiconemende ondernemers kunnen ons al een hele stap op weg helpen.

Ierland gaf vijftien jaar geleden het voorbeeld dat een daadwerkelijke ommekeer kan, en hoe zo’n beleidswijziging moet. Vandaag is Ierland het tweede welvarendste land van Europa. Vijftien jaar geleden was het op één na armste. 

Paul Vreymans                                         
                                                                        
Other pages on this site:
Printer-friendly versions are available on the respective Web Pages